h

Schriftelijke vragen 18-07-2007

11 september 2007

Schriftelijke vragen 18-07-2007

Schriftelijke vragen aan het college van B&W over de WMO, 18 juli 2007

Vlissingen, 18 juli 2007
Schriftelijke vragen Art 41

Geacht college,

Op 1 januari van dit jaar is de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) in werking getreden. Per die datum is de gemeente Vlissingen verantwoordelijk geworden voor de zorgverlening in onze gemeente. Uit berichten in de media is gebleken dat de Wmo landelijk gezien voor heel wat problemen zorgt voor personeel werkzaam in bijvoorbeeld de thuiszorg. Tot dusver leek het op dat front rustig te blijven in Vlissingen.

Vandaag publiceerde zowel Omroep Zeeland als de PZC dat voor 63 thuishulpen het contract niet wordt verlengd.

De thuiszorg op Walcheren moet bezuinigen. Ruim 63 personeelsleden zijn te duur geworden na invoering van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning.

De thuiszorg moet concurreren met andere zorgaanbieders en daardoor moet de dienstverlening goedkoper worden. Met als het gevolg dat medewerkers met diploma's eruit moeten. Er vallen geen gedwongen ontslagen. De medewerkers krijgen een andere functie binnen de organisatie. De thuiszorg is bang dat door deze maatregel een verschraling van de zorg optreedt.”

De SP-fractie vindt dit een zorgelijke ontwikkeling en heeft hier de volgende vragen over:

1.Kan het college aangeven hoeveel mensen het betreft die in de gemeente Vlissingen werkzaam zijn?
2.Is het college met ons van mening dat het weghalen van mensen met diploma’s van de werkvloer leidt tot een verschraling van de zorg aan de cliënten?
3.Kan het college aangeven welke gevolgen deze herplaatsing van gekwalificeerde medewerkers binnen de thuiszorg voor de cliënten heeft?
4.Past deze herschikking van gekwalificeerde medewerkers binnen de doelstellingen die de gemeente met de invoering van de Wmo voor ogen had?
5.Volgens de thuiszorg moet men deze maatregel nemen omdat de dienstverlening goedkoper moet in het licht van de concurrentiestrijd. Is het college met de SP van mening dat goedkopere dienstverlening niet ten koste van medewerkers en cliënten moet gaan?
6.Is het college bereid om meer financiële middelen beschikbaar te stellen, zodat thuiszorginstellingen gekwalificeerde medewerkers op de werkvloer kunnen blijven inzetten, zodat het niveau van de dienstverlening gewaarborgd blijft?

Uw antwoorden zien wij met belangstelling tegemoet.

SP-fractie,
Trix de Roos-Consemulder

U bent hier